Naar inhoud springen

glorie

Uit WikiWoordenboek
  • glo·rie
enkelvoud meervoud
naamwoord glorie gloriën
glories
verkleinwoord

de glorie v

  1. door bijzondere inspanning of eigenschappen verworven vermaardheid
    ▸ Een mooie, dikke, mollige, blonde vrouw, in de volle glorie van haar jeugd.[3]
    ▸ Dit was zijn moment van glorie - hier, in de aanwezigheid van de grote kunsthandelaar Harold Schloss.[4]
  2. (religie) lichtglans rondom iemand die heilig is
  3. (meteorologie) oplichtende ring om een schaduw die door zonlicht op een wolk of nevel wordt gemaakt
    ▸ Het mooist is de glorie als de wolk waarop de vliegtuigschaduw valt uit druppels van uniforme afmetingen bestaat. Dan zijn meerdere gekleurde ringen te zien.[5]
Image
[3] zicht op een glorie vanuit het ISS (ruimtestation) op Wikipedia (nl) (2018)
99 %van de Nederlanders;
99 %van de Vlamingen.[6]

glorie v

  1. glorie, roem, heerlijkheid

glorie

  1. verouderde spelling of vorm van glory