Dagelijks live praatprogramma met gasten en publiek,
afwisselend gepresenteerd door Sonja Barend en Paul Witteman,
vanuit het "B&W café" te Amsterdam.
In afwijking hiervan wordt deze aflevering gepresenteerd door
Inge Diepman. Zij praat met de jonge Nederlandse celliste
Quirine Viersen, die gisteren in Parijs als eerste
Nederlandse musicus de European Soloist Prize 1999 ontving,
een prijs voor de beste solomusicus van Europa. Viersen
vertelt over haar reactie op het winnen van de prijs, de
betekenis van de onderscheiding, de gevolgen voor haar
carrière, de band met haar huidige instrument (een Guarneri
die zij in bruikleen heeft van haar leermeester Heinrich
Schiff), de bouw en de klank ervan, de emotionele band met
het instrument dat Jaap Bolink voor haar bouwde, de
astronomische prijzen van instrumenten uit de school van
Stradivarius en Guarneri, het leren kennen van een instrument
en de invloed van het weer erop, de invloed van de omgeving
op haar spel, waar zij spelend op de cello een paar
voorbeelden van geeft, de wisselwerking tussen musicus en
publiek, het eenzame en drukke bestaan van een solist, waarin
weinig ruimte is voor andere dingen dan muziek. Tot slot
speelt Viersen een deel uit de tweede cellosuite van Bach.
Dagelijks live praatprogramma met gasten en publiek,
afwisselend gepresenteerd door Sonja Barend en Paul Witteman,
vanuit het "B&W café" te Amsterdam.
In afwijking hiervan wordt deze aflevering gepresenteerd door
Inge Diepman. Zij praat met de jonge Nederlandse celliste
Quirine Viersen, die gisteren in Parijs als eerste
Nederlandse musicus de European Soloist Prize 1999 ontving,
een prijs voor de beste solomusicus van Europa. Viersen
vertelt over haar reactie op het winnen van de prijs, de
betekenis van de onderscheiding, de gevolgen voor haar
carrière, de band met haar huidige instrument (een Guarneri
die zij in bruikleen heeft van haar leermeester Heinrich
Schiff), de bouw en de klank ervan, de emotionele band met
het instrument dat Jaap Bolink voor haar bouwde, de
astronomische prijzen van instrumenten uit de school van
Stradivarius en Guarneri, het leren kennen van een instrument
en de invloed van het weer erop, de invloed van de omgeving
op haar spel, waar zij spelend op de cello een paar
voorbeelden van geeft, de wisselwerking tussen musicus en
publiek, het eenzame en drukke bestaan van een solist, waarin
weinig ruimte is voor andere dingen dan muziek. Tot slot
speelt Viersen een deel uit de tweede cellosuite van Bach.