Tekst Trugkieke 27 november 1998
Vliegen in Zeeland
4.25
In Zeeland hebben we in de jaren dertig twee vliegvelden: een bij Vlissingen en een bij Haamstede. De luchtvaart is in die tijd volop in ontwikkeling en het volk valt van de ene verbazing in de andere.
4.37
Zo kunnen de Zeeuwen in juni 1932 in Vlissingen getuige zijn van een tussenstop van de graf Zeppelin. Duizenden mensen zijn toegestroomd om dit gevaarte te kunnen aanschouwen. Het luchtschip onderhoud intercontinentale vluchten of vaarten, zoals u wilt. Het is 237 meter lang, heeft 45 man aan personeel aan boord en kan 20 passagiers vervoeren. De sigaarvormige ballon is gevuld met een gas, dat lichter is dan lucht en vier motoren zorgen ervoor dat het schip wordt voortgestuwd met een snelheid van zo’n 115 km per uur.
5.43
In de gondel, duidelijk te zien aan de voorkant , bevindt zich het passagiersverblijf.
6.03
Na het spektakel trekt het volk huiswaarts, de voetgangers hebben bezit genomen van de Nieuw-Vlissingse weg. Voor de tram is er ook geen doorkomen aan de rails is onbegaanbaar door de vertrekkende massa.
6.23
In de eerste wereldoorlog maken vliegtuigen gebruik van het militaire exercitie terrein dat tussen Vlissingen en Souburg is gelegen. Als die oorlog voorbij is, is het burgemeester Van Woelderen van Vlissingen , die zich intensief gaat bezighouden met de ontwikkeling van dit terrein. Door zijn inspanning wordt op 30 juni 1926 het vliegveld officieel geopend. In de jaren dertig is er een dagelijkse lijnverbinding met Rotterdam. Op het vliegveld is er een station, en een café-restaurant. De havenmeester Jan Castel is een begrip in die tijd, zeker ook zijn vrouw en dochter :bij de vele niet-Zeeuwen die het vliegveld aan doen vallen ze op als de vliegtuigen bij tanken in hun Walcherse klederdracht.
7.15
Deze nonnen zullen ongetwijfeld zenuwachtig zijn. Met een Fokker F 8 zullen ze voor vijf gulden naar Haamstede gaan vliegen, waar ook een vliegveld is gelegen.
7.24
Links zien we Van Woelderen, de burgemeester, hij maakt hier ook gebruik van het moderne openbaar vervoer. De Fokker F8 heeft een romp die is gemaakt van buizen en vliegtuiglinnen.
7.54
Het gezelschap vliegt over Vlissingen en ziet het zojuist gebouwde ziekenhuis Bethesda St. Joseph.
8.09
Via Middelburg gaat het noordwaarts. In juli 1931 start de KLM een lijnverbinding tussen Rotterdam en Haamstede, het is de eerste en de kortste binnenlandse luchtlijn. Je doet er 25 minuten over, over de weg duurt het in die tijd 5 a 7 uur! In 1932 wordt deze lijnverbinding doorgetrokken naar Vlissingen en in 33 naar Knokke. Tot de komst van de Duitsers in 1940 kent de burgerluchtvaart een sterke bloei. Helaas betekent het begin van de Tweede Wereldoorlog het voorlopige einde van de luchtvaart in Zeeland.
8.43
Dit is ook een Fokker F8, door de KLM gebruikt op de binnenlandse lijndiensten.
9.09
Inmiddels historische beelden van het stationsgebouw op Haamstede, dat in 1934 is gebouwd.
9.27
De KLM onderhoudt de verbinding ook met vliegtuigen van het type Douglas DC 2, zoals deze die landt op Haamstede. Ter promotie van de luchtvaart organiseert men in de jaren dertig een vliegtuigralley. Deelnemers moeten een bepaalde route vliegen en vastgestelde posten opsporen. In deze vlucht is een verplichte stop op Haamstede opgenomen. Waarschijnlijk gaat het hier om beelden van een van die ralleys. Allerlei typen uit verschillende landen staan opgesteld. Ieder met zijn eigen registratienummer. De eerste een of twee letters staan voor het land van herkomst. PH betekent dat het toestel uit Nederland afkomstig is.
10.54
Van Haamstede gaan we terug naar Vlissingen. Daar maakt de Walcherse zweefvliegclub ook gebruik van het veld. Het zweefvliegen staat in die tijd nog in de kinderschoenen. Dank zij het werk van de pioniers in die tijd, worstelen wij nu met zaken als Flevopolder, eiland in de Noordzee en op naar 600.000 vliegbewegingen.