Naar inhoud springen

Elizabeth Stuart

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Elizabeth Stuart
1596 - 1662
Portret van Elizabeth Stuart, de Winterkoningin(1642), Gerard van Honthorst, National Gallery
Portret van Elizabeth Stuart, de Winterkoningin
(1642), Gerard van Honthorst, National Gallery
Koningin-gemaal van Bohemen
Periode 4 november 1619 - 8 november 1620
Voorganger Eleonora Gonzaga
Opvolger Eleonora Gonzaga
Familie
Geboren 19 augustus 1596Bewerken op Wikidata
FifeBewerken op Wikidata
Overleden 13 februari 1662Bewerken op Wikidata
LondenBewerken op Wikidata
Vader Jacobus I van Engeland
Moeder Anna van Denemarken

Elizabeth Stuart (Dunfermline Palace (Fifeshire, Schotland), 19 augustus 1596 — Westminster (Londen), 13 februari 1662) was de dochter van Jacobus I van Engeland en Anna van Denemarken en de zuster van Karel I van Engeland. Zij werd vanwege haar schoonheid en populariteit ook wel bekend als de Parel van Brittannië, Roos van Engeland, Hartenkoningin en ook als de Winterkoningin, omdat ze slechts gedurende de winter van 1620 koningin van Bohemen was.

Huwelijk en kinderen

[bewerken | brontekst bewerken]

Elizabeth trouwde op 14 februari 1613 met Frederik V van de Palts (1596-1632) en werd koningin van Bohemen. Uit dit huwelijk werden de volgende kinderen geboren:

In april 1621 arriveerden Elizabeth en Frederik in Den Haag met een hofhouding van 223 personen, inclusief een schoenpoetser en een wijnflesopener, maar dit huishouden werd noodgedwongen teruggebracht vanwege de hoge kosten. Zij betrokken het huis van de in mei 1619 geëxecuteerde Johan van Oldenbarnevelt. Het echtpaar kreeg een bescheiden toelage van Jacobus I en later van Elizabeths broer Karel I. Voor hun onderhoud waren Frederik en Elizabeth voornamelijk aangewezen op de gastvrijheid van de Oranjes en leefden zij op kosten van de Staten-Generaal en de gewestelijke Statencolleges. Hun dochtertje Louise Hollandine kreeg schilderles van Gerard van Honthorst. Honthorst had een goede relatie met de spilzieke Elisabeth. Hij leende haar 35.000 gulden.

Elisabeth van de Palts legde in 1645 even buiten Den Haag de eerste steen voor een nieuw stadhouderlijk verblijf: Paleis Huis ten Bosch.

Nadat de Engelse monarchie in 1660 werd hersteld, kwam Elizabeths neef Karel II (1630-1685) op de troon. Nu kon zij naar Engeland terugkeren, waar ze enkele maanden later zou sterven.

Haar jongste dochter Sophia werd de dichtstbijzijnde protestantse erfgenaam van de Engelse en Ierse kronen (later de Britse kroon). Onder de Act of Settlement (1701), werd de opvolging op Sophia en haar nakomelingen vastgesteld, zodat alle monarchen van Groot-Brittannië vanaf George I haar afstammelingen zijn.

Kwartierstaat (voorouders)

[bewerken | brontekst bewerken]
Image
Matthew Stuart
(1516-1571)
Image
Margaret Douglas
(1515-1578)
 
Image
Jacobus V van Schotland
(1512-1542)
Image
Maria van Guise
(1515-1560)
 
Image
Christiaan III van Denemarken
(1503-1559)
Image
Dorothea van Saksen-Lauenburg
(1511-1571)
 
Image
Ulrich van Mecklenburg-Güstrow
(1527-1603)
Image
Elisabeth van Denemarken
en Noorwegen
(1524-1586)
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Image
Henry Stuart Darnley
(1545-1567)
 
 
 
Image
Maria I van Schotland
(1542-1587)
 
 
 
 
 
Image
Frederik II van Denemarken
(1534-1588)
 
 
 
Image
Sophia van Mecklenburg-Güstrow
(1557-1631)
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Image
Image
Jacobus I van Engeland
(1566-1625)
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Image
Anna van Denemarken
(1574-1619)
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Image
Hendrik Frederik Stuart
(1594-1612)
 
Image
Elizabeth Stuart
(1596-1662)
 

Margaretha Stuart
(1598-1600)
 
Image
Image
Karel I van Engeland
(1600-1649)
 

Robert Stuart
(1602-1602)
 

Maria Stuart
(1605-1607)
 

Sophia Stuart
(1606-1606)
[bewerken | brontekst bewerken]
Image
Zie de categorie Elizabeth Stuart van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.